Geen flauw benul

Niets doen kan een grote misdaad zijn. Maar ‘doen’ kan niet zonder ‘benul’, die twee gaan altijd samen. En ‘geen flauw benul hebben’ is een even grote misdaad.

Stel een zwarte beer graait de hespenworst uit de tent van een kamperend gezinnetje en haalt -onhandig als hij is- en passant de rug van een kleuter open. De beer jubelt, zijn honger is gestild. Dieren doen niet mee aan benul.

Stel een beer van een man plast tegen het tentzeil van het kamperend gezinnetje en triomfeert: ‘territoriumafbakening is hier heel belangrijk, zie je, om gevaarlijke beren op afstand te houden’. Hij dooft zijn sigaret op het delicate tentzeil. Deze man heeft geen flauw benul.

De kleuter houdt van beren en ligt met een verrekijker op de uitkijk. Zijn benul is in volle ontwikkeling.

Een parkwachter zit op een bankje onder de dennenbomen en ziet de zwarte beer de familietent naderen. Ze kijkt de beer indringend aan en zegt ‘GO AWAY’.

Diezelfde parkwachter zat gisteren ook al onder de dennenbomen voor het geval de beer de familietent zou naderen. Toen zei ze niets, maar ze had wel veel benul.

Benul komt in gradaties, de één heeft er veel van, de ander minder.

Ik weet er alles van. Ik organiseer namelijk cursussen: ‘benul kweken’. Het gaat als volgt: de deelnemers gaan in een kring staan, ze leggen hun huid af en schuiven ééntje door. Vervolgens trekken ze de huid die op dat moment voor hen ligt aan en ritsen die tot boven goed toe. Ik kader de oefening natuurlijk vooraf: de cursisten hebben er veel voor betaald en toch valt het niet altijd mee. Je kan wel eens pech hebben hebben met je tijdelijke huid, maar dat is het risico.

Tegen het einde van de dag moeten ze weer naar hun eigen huid. Af en toe weigert er één, dat heb ik wel al eens gehad.  ‘In dit vel zit ik net zo goed’, zeggen die dan. Ik lok ze eruit met de valse belofte van een nieuw vel. Dat werkt altijd. Hoe kan je zo naïef zijn?, vellen komen uiteraard niet in plastic doosjes, met spreuken als ‘zit als gegoten’ of ‘met extra oplaplapjes’, maar die ander moet z’n vel toch terug? Om maar te zeggen: ik doe het alleen maar omdat ik benul heb. En de deelnemers, enkele niet te na gesproken, achteraf meestal ook.

De kleuter in z’n tentje experimenteert met benul. Hij stuurt de parkwachter wandelen en trakteert de tentenplasser op een heerlijk stukje hespenworst. ‘Ich habe es nicht gewusst’, zegt de worstensmuller nog, wanneer de zwarte beer op hem af komt gelopen …    

© 2017 

Created with Wix.com

  • w-facebook
  • w-flickr